Be lazy, work hard.

De leerlingen van mijn school kennen hem al. Mijn adagium die ik regelmatig uitleg.

Het zit namelijk zo. Als leerling (en waarschijnlijk is dat voor elk mens hetzelfde), wil je met zo min mogelijk moeite, je resultaat behalen. Voor sommige momenten moet dat resultaat maximaal zijn. Voor andere precies zoveel dat je verder kan. Dat laatste kan je zesjes cultuur noemen en het eerste “high performance”, maar zo simpel is het nou ook weer niet. Andere keer maar eens over keuzes hebben.

In ieder geval heb je als leerling werk te doen. Opdrachten maken, doorlezen, overleggen, toetsen, noem maar op. Als je dat niet doet -je denkt dan lui te zijn- komt er met pech een moment dat het nadelig werkt. Je moet het alsnog doen op een vervelend moment, of je overgeschreven werk moet nog een keer, of die onvoldoende voor de toets ingehaald (of een heel jaar….), je slechte luisteren bij je overleg resulteert in ontevreden collega leerlingen, dus allemaal dubbel werk. Maar wel het resultaat van je manier van luiheid om dingen niet of onjuist of zonder aandacht te doen.

En valt het je niet op, dat die kids die braaf het huiswerk maken, minder stress en meer tevredenheid hebben? En is het ook niet zo dat als het bij hen niet goed gelukt is zij sneller accepteren, want ze hebben uiteindelijk er alles aan gedaan? Als ze het niet niveau niet halen lag het niet aan de inzet.
En het aller prettigst. Doordat ze het af hadden, kunnen ze op de stressmomenten (les of toets inhalen, of andere lekkere sancties) achterover zitten. En het belangrijkste wat er nog aan kleeft dat dit moment van luiheid zich vertoont in tevredenheid. En dat kan best stoer zijn. Of heel lekker aanvoelen.

Ooit een klas mogen lesgeven (4vmbo) die werd bevolkt door een allegaartje aan leerlingen. Rechtsachter de voetbalfans, wat hippe meiden ervoor en links aan het raam een beachboy, met zijn eigen surf en kite bedrijfje. Er zaten nog vele andere interessante leerlingen in, maar deze hadden een gedrag die een sleutel vormde voor de sfeer in de klas. Voor hun was het simpel. Zonder diploma geen vervolgopleiding of eigen bedrijf. De voetbalfans werkten niet heel hard uit zichzelf, maar voelden wel de trend die neergezet was in de klas. In deze klas was werken niet vies, werden vragen gesteld om te begrijpen. En als her werk gedaan was (of bijna) mochten ze van zichzelf “chillen”. Zoals je begrijpt was mijn invloed gering. ;) Dit groepje trok de klas min of meer mee, wat een geweldige sfeer gaf. “Be lazy, work hard” in optima forma. Het effect was ook dat de flow zo prettig was, dat er onbewust extra tijd van mij werd ingestoken. Een bijeffect die er voor zorgde dat mijn kwaliteit van lesgeven hoger werd. Mijn lesgeven werd vrijer en ik durfde verder te gaan in het neerzetten van stukjes theorie, wat soms eindigde in een one-man-show, met aandachtig luisterende en vaak lachende pubers.

Andersom geldt het mijn inziens ook. Een goed georganiseerde en voorbereide docent of onderwijsconcept betaald zichzelf terug in extra tijd voor andere dingen. En vooral een goed concept. Dat zorgt er voor dat het voor elke docent in dat team zich gesteund voelt door het systeem en door de grenzen die aan het basisidee van het concept vast zit. Andersom is helaas ook zo (wederom). Een concept die niet alle teamleden meesleept en niet weet ze mee te slepen in het idee, zal ad hoc moeten ingrijpen. En hoeveel tijd “dingen nog eventjes op het laatste moment doen” kost, weten we allemaal. En de opmerking daarna herken je ook vast: “hier moeten we als we tijd hebben nodig eens over hebben………”, waarbij de puntjes de pijnlijke stilte verbeelden.

Toch neem ik me telkens weer voor om lui te zijn. Goed te plannen, voor te bereiden en af te ronden. Moeilijk hoor. Maar vertel dat niet aan mijn leerlingen. Ze zouden eens een voorbeeld aan mij nemen. ;)

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Snippervisie

De grootste ellende in onderwijs, na de overtollige manager, is de snipppervisie.

Een snippervisie is een visie met een klok, maar expliciet zonder klepel. Dat angstige moment dat iets nieuws moet worden ingevuld in het onderwijssysteem, wat schijnbaar kleinschalig is, in uitvoering wellicht een leuk projectje, maar in praktijk een monster.

Bij een snippervisie wordt een klein onderdeel van je systeem onder de loep genomen en (vaak verzuchtend) gezegd dat er iets moet veranderen. In dit stadium zijn we bij de niet specifieke snippervisie beland. Nog redelijk onschuldig. Je kan meewarig mee zuchten en verder gaan met waar je mee bezig bent.

Gevaarlijker wordt het als een onderdeel wordt genoemd
“zou je niet eens meer vaardigheden in je taalonderwijs kunnen verwerken?” Of: “Ik heb een mooi onderwijsprogramma gezien en we kunnen daar het geweldloos communiceren wel van gebruiken, ik heb een kopietje gemaakt”.
Dit zou je de initiatie snippervisie kunnen noemen. Nog steeds tamelijk onschuldig. Nog niets aan de hand. Nog geen doelen of voornemens, inspraakrondes. Maar bij onvoldoende afleiding van andere snippers of werkzaamheden…..

Kom je bij de adhoc snippervisie.
Dit gaan we doen, ik vraag jullie medewerking (en in het beste geval ook inspraak, wat bij adhoc dramsnippervisie uiteindelijk betekend dat het 1ste idee toch het beste was of anderszins ingevoerd wordt).

Ik kan er nog vele bedenken. De niks snippervisie (waar na vele uren vergaderen besloten wordt dat het niks is, vaak door de initiator), de bij ministerieel besluit snippervisie (duurt in het ergste geval maximaal 4 jaar), het dit gaat vast beter advies snippervisie, de in het buitenland doen ze het ook zo snippervisie, bezuinigings-snippervisie ook wel kaasschaafvisie (het moet beter, met minder geld, zo gaan we dat doen), noem maar op.

De essentie is dat snippervisies maar een deeltje van het onderwijs beslaan en daardoor vaak niet prettig voegen in de totale onderwijsvisie.
En ze neigen ook vermoeiend tijdrovend en tijdelijk te zijn. En vooral in een kort tijdbestek uitgevoerd te worden. En soms tijdens de uitvoering al weer vergeten of vervangen door een andere …. snippervisie.

Een goede schoolvisie of visie op onderwijs heeft in mijn ogen een totaalbeeld van alle onderdelen van de school. Van schoolarts tot boeken. En van inrichting tot personeel. Dan zou een visie nog draagkracht moeten hebben. Waarin niemand vergeten is, beginnend bij de leerling. Ook heb je tijd nodig. Veel tijd. 3 tot 5 jaar lijkt veel, maar is heel normaal om de kinderziekten eruit te halen. 2 dagen gaat echt niet lukken….
En de moed om droombeelden te molesteren tot praktisch uitvoerbare onderdelen en deze onvermoeibaar verder te slijpen. Ik word angstig van volledige concepten die al jaren zo werken. Dat kan mijn inziens niet.

Werkt echt geen enkele snippervisie? Nou heel misschien de “ik probeerde het in de klas en het werkte snippervisie”. Daar waar je als docent voorzichtig met vertrouwde leerlingen een oefening doet en die vergelijkt met de oorspronkelijke situatie. Klinkt wat saai, maar zou kunnen werken als sneeuwbal in de school.

En snippert jouw school? En hoe doen jullie dat?

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Moodlemoot 2011

Dit jaar ben ik voor het eerst naar de Moodlemoot geweest. Dit is een feestje conferentie voor moodle beheerders en gebruikers. Niet alleen in het onderwijs, maar ook behoorlijk veel bedrijfsleven loopt daar te netwerken en kennis te sponzen.

Het begon met een intro van Bert de Couture. Was dit reclame voor zijn boek, gedurende een uur? Ik had iets meer Moodle willen horen. Verder was het een amusant verhaal over hoco’s, de hoog competente mens. Die dan weer volgens hem niet bestaan.

De workshops in verschillende moeilijkheidsgraderingen waren leuk. Zo leuk dat keuzes maken moeilijk was. Uiteindelijk erkend voor mezelf dat ik eerst mijn niveau moest bepalen in de beginners-stack. Jan en Jan vertelden over hun school brede invoer van Moodle in een scholengroep in Enschede. Naast het opnemen van nieuwe kennis bemerkte ik dat ik dit goed aankon en ook kon aanvullen. Ik besloot dat ik geen beginner meer was. ;)

Workshop 2, gegeven door Peter was een zeer praktische en bruikbare introductie in het gebruik van de lesmodule. Een van de onderdelen waar ik het potentieel van zie, maar zelf niet de controle heb. Peter en de aanvullende kennis uit de zaal hebben me een extra zet gegeven. Ben wel benieuwd hoe de organisatie de geschreven sheets van de flipover op nedmoove.nl gaan zetten. ;)

De derde workshop koos ik voor “my first moodle”. In principe eentje uit de beginners stack, maar ik was te nieuwsgierig naar andere moodles. Uiteindelijk werden mijn vragen over rechten toekennen aan cursisten, gast / ouder account en bepaalde indelingskeuzes ruimschoots beantwoordt. Grappig dat onafhankelijk van mijn kennis op het moment van schrijven een onderbouwteam nu moodle aan het vullen is op hun manier met ideetjes die ik hier had opgedaan. Zie je, ik ben helemaal niet nodig. En daarbij was de belangrijkste tip: Ga niet (veel) sneller dan je collega’s aan kunnen.

Van alle cursussen kan gezegd worden dat ze te kort waren voor mijn honger naar kennis.

Aan het eind van de dag, na een drietal leuke workshops en een lekker diner, kregen we een eind opdracht. Ontwerp een “hoco” cursus, was kort door de bocht de vraag.

Ik zat met Jan, Jan en Nico in een groep en we bedachten een cursus naar aanleiding van de discussie in de workshop ‘show my Moodle’. De discussie draaide om de vraag hoe je alle docenten kon betrekken bij je Moodle. Dus wij zouden even een een cursus Moodle gebruiken ontwerpen.

Jan en Jan zijn ervaren Moodlaars. Dat was nu ook te merken, bij het ontwerpen van een cursus. Op papier zetten ze de onderdelen die je gebruikt als onderdeel van Moodle met hoofdletters, zodat je bij dezelfde woorden meteen het verschil ziet. Zo maakten we de keuze om deze cursus in 1 CURSUS te stoppen. En de lesinhoud zou kunnen bestaan uit alle mogelijke ACTIVITEITEN.
Maar nog mooier was hoe specifiek werd gezocht naar de rol van de cursus voor de doelgroep. Duidelijk werd dat je bij je cursus heel goed moet afvragen wat je doelgroep daar te zoeken heeft. En nog  belangrijker: Waarom zouden ze je cursus bezoeken? Welke reden en welk belang heeft je cursist daarbij? Opgeteld bij hun ervaring dat een gedwongen cursus niet werkt. Belangrijk uitgangspunt was dat een docent voor zichzelf moest bedenken welk deel van zijn huidige les hij kon gaan gebruiken in de Moodle. Daarbij gingen we er van uit dat deze zelf het inzicht heeft of hij voor Gemak, Gewin of Genot gaat.

Het doel van de cursus wordt uiteindelijk: dat de cursist zelf bedenkt wat hij kan en wil bereiken om zijn kennis van de elo te vergroten. En dat de cursus dit aan de hand van deze doelen probeert aan te bieden.

Dit lijkt simpel, maar in praktijk zou het betekenen dat je als cursusmaker ACTIVITEITEN moet aanpassen aan de cursist. En de verscheidenheid aan doelen betekent ook dat er een verscheidenheid aan instapniveaus, maar ook manieren van leren aangeboden worden.

Zo besloten we eerst dat het FORUM een centrale plek in de CURSUS, zou krijgen. Maar ja, je hebt cursisten die daar nooit naar (willen) kijken. Daar ga je met je strakke organisatieplan en je principes van “sociaal constructivisme”. Veel discussie en uitweidingen verder, kwamen we telkens iets verder met ons idee, terwijl we wel veel leerden……

Ik denk dat hier ergens de borrel werd aangeboden, wat voor onze groep de gelegenheid gaf naar huis te gaan.

Voor mij leerzaam. Zeker. Doen we nog een keer!

Ps: het viel me op dat de bedrijven die indirect betrokken waren moodle centraal zetten. Ik heb dat zeer gewardeerd en gerespecteerd. Geen te vriendelijke gezichten of irrealistiche verhalen. Geen aanbiedingen of kaartjes die bedoeld waren voor “een informatief gesprek”. Het kan natuurlijk ook zijn dat ik geen doelgroep was, maar ik blijf het idee krijgen dat ook voor Avetica en de andere het een uitstapje in dienst van de Nedmoove was. Soms zelfs kritisch op moodle.

Posted from WordPress for Android (en later geredigeerd op een pc)

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Duur en goedkoop leren

In onze kikkerlandje hebben we een vreemde visie op onderwijs. Als je naar de handelingen van het huidige kabinet kijkt lijkt dat ongeveer als volgt:
We willen goedkoop onderwijs met zo min mogelijk docenten en zo hoog mogelijk rendement. En omdat je dat niet zo goed kan verkopen klinkt dat ongeveer zo:

De high performance docent mag zijn lesgeven voor de klas zien als core business en zijn excellente skills overbrengen op de generatie Einstein. Dat doet hij in een verrijkte en goed geoutilleerde learning environment, voorzien van moderne audiovisuele middelen en elearning fascilities. De boeken, eh bedoel de leermethodes zijn een combinatie van digitale verrijking en visueel aantrekkelijk beeldmateriaal en aansprekende teksten en betekenisvolle opdrachten. De leerling heeft hierin een centrale rol waar per kind maarwerk wordt geregeld met toekomstplannen, zorgverslagen, Competentiemodellen, etc etc.

De waarheid is anders. Hoe duurder het woord bij het onderdeel hoe kleiner het budget. En hoe verder het beleid van de leerling af staat, hoe groter de mogelijkheden.

De maat wordt niet door het onderwijs bepaald, maar door mensen die geen binding hebben met het primaire proces. Ik vind het niet erg als een school geleid wordt door mensen die nooit les gegeven hebben, maar wel als daar niet de interesse ligt. Als ik krantenberichten lees en de praktijk zie, zijn de directeuren van scholen vooral geïnteresseerd in macht en het vergroten van hun eigen belang. Een beangstigende situatie waarvan ik dacht dat die alleen in landen in Afrika, Italïe of Oekraïne bestond.

Het wordt tijd als een regering eens geld vrij maakt om bestedingspatronen van scholen in kaart te brengen en bij misstanden direct de verantwoordelijken te bestraffen, het liefst te ontslaan. Het zou mooi zijn als scholen zich moeten gaan verantwoorden welk deel van euro’s die je per leerling krijgt ook aan de leerling wordt besteed.

Ik wil mijn leerling iets nuttigs kunnen aanbieden en dat ook de komende jaren kunnen doen. Ik wil niet mijn baas en zijn compagnons over de wereld zien vliegen onder het mom van “zoeken naar nieuwe manieren van onderwijs”.

Het allerduurste onderwijs is dat wat niet goed opgeleide leerlingen aan vervolgopleidingen of de arbeidersmarkt aflevert.

Wie droomt met me mee?

Oh ja, mijn volgende posts gaan echt over onderwijs en moodle. Veel leuker dan deze rants. ;)

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , | 2 reacties

De NOT bedrijven

Als docent zijn een aantal dingen, die er elk jaar weer zijn. Toetsen, oudergesprekken, de roep om vernieuwing, bezuinigingen, de roep op bezuiniging en ook de uitnodiging van bedrijven om naar de NOT beurs te gaan. Ook dit jaar had ik kunnen kiezen uit een uitgever, een bedrijf voor digiborden, of een bedrijf voor spulletjes. Ik hoefde alleen maar bij ze langs te komen op hun stand.

En natuurlijk het foldertje van de NOT 2011 zelf. En toen ik het foldertje zag, wist ik weer waarom niet te gaan. Een Twitter bericht van dirkzijn bevestigt mijn idee.

Het NOT is een beurs voor het onderwijs waar iedereen die een stukje grond kan huren, zijn eilandje bouwt. Letterlijk. Elk bedrijf heeft zijn zorgvuldig gebouwde stand met grote logo’s, computers, beamers, gastheren en -vrouwen in het net, inclusief stralende glimlach en enthousiasme over hun product(en).

En elk bedrijf presenteert zijn product als uniek. Ze schreeuwen het allemaal. Maar in feite is de roep universeel. Koop ons, breng ons winst! En terwijl je denkt ergens te zijn over onderwijs, is het onderwijs het commerciële product geworden.

Het is zo jammer dat niet commerciële maar minstens zo interessante dingen in het onderwijs niet boven dit gebulder uitkomt. Logisch zul je zeggen. Niet commercieel is weinig geld is klein standje of korte presentatie.

Maar in mijn ogen wordt het tijd voor een cc-NOT. Een tentoonstelling met stands die hun informatie alleen delen met een niet commerciële instelling. Waar je moet delen bij het gebruik. En vermeldt wordt van wie of welke school het afkomstig is.

Dus stel je voor. Het leer systeem van mijn school willen wij delen. Dus sturen wij een (paar) expert naar de nc-Not. Daar luistert het publiek en het geheel of de delen die zij gebruiken of verbeteren melden ze terug naar de experts. De experts geeft tips of past zijn ideeën aan met deze ideeën. Ik durf te wedden dat deze vorm van innovatie het onderwijs sneller verbetert dan, alle commerciële bedrijven bij elkaar.

He, zit ik hier nu een vorm van wikiwijs te promoten? Ik denk voor een deel wel, maar ook meer. Het gaat nl niet alleen om het delen. Het belangrijkste is een gezamenlijk idee van innovatie. Waar externen veel minder belangrijk zijn. Maar de internen de boventoon voeren. Onderwijs tentoonstellingen waar docenten de baas zijn. Dat lijkt me een heel aantrekkelijk!

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen